Advocatuur vs FIOD: gestrekt been hoeft niet

Advocaten en opsporingsdiensten die tegenover elkaar staan: dat beeld kennen we. Maar advocaten die samenwerken met een opsporingsdienst als de FIOD: dat is minder bekend. Toch gebeurt het al jaren. Zie de affaires met ING en SBM. De advocaat, de cliënt en de FIOD hebben er baat bij. Binnenvallen, een rood-wit lint om het bedrijf spannen, de bedrijfsadministratie in beslag nemen en mensen vastzetten. Dat was, met enige overdrijving, de werkwijze van de FIOD en het Openbaar Ministerie tot enkele jaren geleden. “Het bedrijf zelf gaf niet vaak vrijwillig informatie, en dan bleef het twee jaar lang stil,” zegt Marike Bakker, advocaat-partner van de sectie Fraud, White Collar Crime & Investigations van advocatenkantoor NautaDutilh. Daarna was het wachten op de bewijzen, waarna de verdediging aan bod kwam en uiteindelijk de feiten aan de orde kwam tijdens de zittingen. Marike Bakker (NautaDutilh) In die situatie staan de FIOD en de advocaat met het spreekwoordelijke gestrekte been tegenover elkaar. Dat kan heel ongunstig uitpakken voor het bedrijf in kwestie. De bedrijfsvoering kan in gevaar komen, en de reputatieschade valt niet te onderschatten. “Aandeelhouders en andere stakeholders worden ongerust, ze hebben allemaal belang bij closure,” zegt Bakker. “Hoe langer zo’n situatie voortduurt, hoe vervelender het wordt. Als er dan een oplossing komt, zie je de aandelenkoers juist vaak stijgen, ook als het bedrijf een boete van 1 miljard euro moet ophoesten.”  Bovendien willen bedrijven zelf ook vaak schoon schip maken. Door gegevens van andere partijen te gebruiken, kan de FIOD efficiënter werken. Om de stemming daarover in de advocatuur te peilen, sprak de FIOD vorig jaar met een groepje van veertig Zuidas-advocaten. “Als wij met minder capaciteitsinzet een beter resultaat kunnen bereiken, is dat prima,” zegt projectleider Peter van Leusden van het Anti-Corruptie Centrum van de FIOD. “Tegenover elkaar staan brengt niet altijd de beste oplossing. Daarom zijn we met de advocatuur gaan aftasten of we aan tafel kunnen zitten. Wat zijn onze belangen, wat zijn jullie belangen en hoe kunnen we elkaar vinden? Als advocaten willen meewerken aan waarheidsvinding, luisteren we daarnaar.” Megaschikking Dat kan ertoe leiden dat de FIOD, naast eigen onderzoek, gebruik maakt van parallel onderzoek in opdracht van het bedrijf. In de ING-witwaszaak mondde deze werkwijze uit in een megaschikking. Volgens Bakker heeft Nederland die praktijk (ING betaalde driekwart miljard euro) overgenomen van de VS. “Nederland heeft het geluk gehad betrokken te zijn geraakt bij grensoverschrijdende onderzoeken en heeft dus snel geleerd hoe je zo’n onderzoek aanpakt,” meent Bakker. “In de Verenigde Staten leunen het Department of Justice en beurwaakhond SEC al jaren op het onderzoek door advocaten,” zegt Bakker. “Ze verifiëren uiteraard wel of die onderzoeken kloppen.” Marleen Velthuis (NautaDutilh) Soms weten de opsporingsdiensten zelf al van het gesjoemel. Maar de FIOD kan ook op de hoogte worden gebracht door het bedrijf: self report.  “De FIOD wil dan met de advocatuur ontdekken wat de mogelijkheden zijn voor samenwerking,” zegt advocaat Marleen Velthuis die net als Bakker is verbonden aan sectie Fraud, White Collar Crime & Investigations van NautaDutilh. Het Openbaar Ministerie maakt vaker gebruik van onderzoeksdata van andere partijen, zegt woordvoerster Marieke van der Molen. Zij wijst erop dat SBM bijvoorbeeld zelf onderzoek deed. “En bij faillissementen kunnen we onderzoeksdata van de curator gebruiken.” Het OM betrekt bij de waarheidsvinding ook onderzoeksgegevens die geleverd worden bij aangiften. “Uiteraard doen we dat pas nadat zo’n onderzoek is geverifieerd en is getoetst op bruikbaarheid.” Het komt ook voor dat het OM aangeboden onderzoeksdata niet gebruikt, als het onderzoek niet deugt. Je hebt de regie Om een misverstand te voorkomen: advocaten werken nooit in opdracht van de FIOD.  “Soms zijn die onderzoeken er al, soms is een inval de aanleiding,” zegt Bakker. “Soms is er een paralleltraject omdat andere poortwachters (accountants, fiscalisten, advocaten, banken) signalen hebben gekregen. Een accountant is bijvoorbeeld verplicht een melding van een ongebruikelijke transactie te doen aan de Financial Intelligence Unit. Dat kan voor een bedrijf een goede reden zijn om zelf naar de autoriteiten te stappen. Het nadeel: je loopt een grote kans dat er door jouw eigen melding een strafrechtelijk onderzoek komt. Aan de andere kant: als je zelf het onderzoek doet, heb je de regie. Ze komen niet doorzoeken, het onderzoek is minder belastend voor het bedrijf, en er is sneller een oplossing.” Velthuis: “De advocaat kan een deel van het onderzoek uit handen nemen om de organisatie en de FIOD te ontlasten. Voor de betrokkenen is een onderzoek door een advocaat veel minder ingrijpend. De FIOD moet op haar beurt kunnen toetsen of wij ons werk goed gedaan hebben We denken dat dit de toekomst is.” Theo van de Meerakker (FIOD) Dat laatste wordt bevestigd door teamleider Theo van de Meerakker en projectleider Peter van Leusden van het Anti-Corruptie Centrum van de FIOD. Het uit 36 fte’s bestaande team strijdt onder gezag van het OM  tegen binnenlandse niet-ambtelijk corruptie en buitenlands ambtelijke en niet-ambtelijke corruptie. Daarmee komen ook strafbare feiten als fraude en witwassen in beeld, legt Van de Meerakker uit. “Geld wordt bijvoorbeeld witgewassen voor drugscriminaliteit of voor corruptie. Corruptie komt nooit alleen, er is ook altijd sprake van valsheid in geschrift. Je kunt corruptie bestrijden door andere delicten te vervolgen.” Aangifte tegen zichzelf “Als de FIOD iets vermoedt, kunnen we daar een palet aan dwangmiddelen zoals doorzoeking en aanhouding op loslaten,” zegt projectleider Peter van Leusden. “En dat blijven we doen, en soms kunnen advocaten daar een rol in hebben.” Ook als een bedrijf zelf aan de bel trekt, heeft de FIOD twee keuzes. De eerste is: met de armen over elkaar afwachten waar het bedrijf, al dan niet ondersteund door advocaten en accountants, mee komt. De tweede: met de onderneming en haar adviseurs gaan praten. Van Leusden: “Zo’n bedrijf doet feitelijk aangifte tegen zichzelf. In dat stadium willen we best meedenken over de manier waarop het feitencomplex op tafel komt. Wij hebben bijvoorbeeld mogelijkheden in het buitenland die de advocaat niet heeft.” Peter van Leusden (FIOD) Van Leusden verlangt in zulke gevallen wel dat het bedrijf een onafhankelijk onderzoek laat doen door een forensisch accountant, dus niet de eigen accountant. “Uiteindelijk wegen we de betrouwbaarheid van het rapport,” verklaart Van Leusden. “Als de advocaat het onderzoek afschermt met een beroep op zijn geheimhouding, en wij krijgen er maar een klein stukje van te zien, dan heeft het minder waarde dan wanneer onze accountants kunnen overleggen met die van het bedrijf. We kijken vooral naar openheid en integriteit. Hoe opener, hoe beter.” Deze werkwijze is wennen voor alle partijen. Marike Bakker: “De FIOD moet kunnen vertrouwen op het deel van het onderzoek dat ze uit handen geven. Voor ons strafrechtadvocaten is het ook een omslag: voorheen deed je vaak de luiken dicht. Nu moeten wij moeten potentieel belastend materiaal aan het OM leveren.” “Het voordeel voor de cliënt is ook dat advocaten in het belang van de onderneming de bredere context meenemen,” vervolgt Bakker. “Maar daarbij moet je transparant zijn: all the way gaan, en dat moet je van te voren goed afspreken. Als het bedrijf iets verbergt, en het komt later boven tafel, dan doet dat de zaak geen goed.” Casuïstiek De FIOD bepaalt samen met het OM welke werkwijze wordt toegepast. “Het is casuïstiek,” zegt Van de Meerakker. “We bekijken per keer wat effectief en efficiënt is, hoe we onze capaciteit verdelen, en hoe groot ons vertrouwen is.” Van Leusden benadrukt dat de FIOD in alle gevallen een aanvangsverbaal schrijft: welke feiten en omstandigheden hebben geleid tot het vermoeden van welke strafbare feiten? “Met dat fundament kun je alle dwangmiddelen toepassen. Hoe minder vertrouwen we hebben, hoe meer onderzoek we zelf doen. En soms doen we beiden: zelf onderzoek doen, en het bedrijf onderzoek laten doen. Dan leggen we die twee rapporten naast elkaar. Als het overeenstemt, zijn we tevreden, anders gaan we met elkaar praten.”: Vraag is wel hoe bevorderd kan worden dat bedrijven aangifte tegen zichzelf doen of meewerken door het inbrengen van eigen onderzoeken. Bakker: “We roepen het OM al jaren op: als je de schikkingspraktijk uit de VS kopieert, kopieer dan ook de senticing guidelines van de autoriteiten in de VS. Daar levert self report credits en discounts (voor boetes) op. In Nederland hebben we hiervoor geen enkel beleid. Als je wilt dat meer bedrijven meewerken, helpt een duidelijk beleid wel. Dan kan het bedrijf een meer afgewogen beslissing nemen.” Zelfmelden aanmoedigen En daar werkt het Openbaar Ministerie nu aan, zegt woordvoerster Marieke van der Molen. “Omdat we de wens vanuit de advocatuur begrijpen en zelfmelden aanmoedigen, zijn we bezig om te beoordelen of hoe wij een zelfmeldregeling en eventueel daarbij behorende strafrichtlijnen moeten vormgeven,” verklaart ze. Zo’n regeling moet binnen het Nederlandse systeem van strafrecht en strafvordering passen en alle belangen van betrokkenen moeten voldoende gewaarborgd zijn. Van der Molen: “Wij zullen hiervoor ook het gesprek aangaan met de advocatuur en de rechterlijke macht. Dit proces is dus in ontwikkeling.” Op dit moment zal een verdachte vooral moeten vertrouwen op het OM. “In Nederland schrijft de wet alleen strafmaxima voor,” licht Van der Molen toe. “In het wetboek staan geen kortingspercentages voor het overhandigen van bewijsmateriaal, en/of het afleggen van een volledige en open verklaring.” Volgens de woordvoerster is het bepalen van een passende straf maatwerk per verdachte en casus, waarbij de ernst van de feiten en de persoon van de verdachte meegewogen wordt. “Of een verdachte meewerkt aan een onderzoek speelt dus wel een rol bij het bepalen van de hoogte van de straf. Het is beleid van het OM om rekening te houden met een meewerkende houding. Er zijn alleen geen richtlijnen of percentages vastgelegd in tabellen of regels waarin precies staat wat meewerken oplevert.” Het bericht Advocatuur vs FIOD: gestrekt been hoeft niet verscheen eerst op Mr. Online.
mr online
14-05-2019 09:55