‘Er zijn te veel gerechtsdeurwaarders’

Deurwaardersbelangen.nu, de belangenvereniging van vooral middelgrote en kleinere deurwaarderskantoren, bestaat vijf jaar. Tijd voor een feestje? De sector kent grote zorgen. “Het is ondernemen met tegenwind”, zegt voorzitter Hans Groenewegen. De deurwaarder ‘nieuwe stijl’ moet het tij gaan keren. Ruim vijfendertig jaar zit hij in het vak, tegenwoordig als directeur van gerechtsdeurwaarderkantoor Hafkamp in Venlo. Gepokt en gemazeld in de deurwaarderij. En nu heeft hij zorgen. Die leven ook in de beroepsgroep, waarvan de leden zich niet altijd vertegenwoordigd weten door de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders. “De KBvG dient het algemeen belang van de gerechtsdeurwaarderij. Iedere deurwaarder is verplicht lid, maar vooral de deurwaarders van de vijf grote kantoren zaten tot zeer recent in het bestuur en de ledenraad. Niet iedere deurwaarder kan zich met het gevoerde beleid identificeren.” Dat is de reden dat vijf jaar geleden Deurwaardersbelangen.nu werd opgericht, met Groenewegen als voorzitter. “Onze achterban wordt gevormd door de kleine en middelgrote kantoren. Nu zijn 55 kantoren lid, van de 150. De KBvG verwelkomde ons niet bepaald warm, er was in het begin forse tegenwind. Nu is de relatie verbeterd en wordt er constructief samengewerkt.” Autonome lobby Hans Groenewegen Volgens Groenewegen hebben de kleinere kantoren nadrukkelijk ook een stem, want via hun belangenvereniging hebben ze ook een directe lijn naar de politiek en de minister. “Wij voeren een autonome lobby. Bij de KBvG geldt: één stem per deurwaarder, waardoor de grote kantoren meer invloed hebben. Bij ons geldt: one office one vote. Ook commercieel staan kantoren sterker, omdat we als vereniging de aanbesteding bij het Centraal Justitieel Incassobureau hebben begeleid. Onze leden die voor het CJIB werken hebben daar baat bij gehad. We hebben daar nu een sterkere positie en werken onder betere voorwaarden.” Op dit moment wordt ingezet op het realiseren van een verdeelmodel van overheidsopdrachten ten behoeve van alle deurwaarderskantoren in Nederland. Dat alles is in deze branche hard nodig, want echt goed gaat het met de deurwaarderij niet. Kenden de kantoren in 2013 nog een gezamenlijke omzet van 421 miljoen euro, vorig jaar was dat nog slechts 310 miljoen. Verder loopt zo’n beetje alles wat inkomsten oplevert terug, zoals twee miljoen ambtshandelingen in 2018, tegenover drie miljoen in 2016. Verdienmodel onder druk Wat is daarvan de oorzaak? Groenewegen: “Tijdens de crisis kon je wel ambtshandelingen verrichten maar was er vaak niets te halen. Ook de inkoopmacht van de grote opdrachtgevers speelt een rol. En de hoge griffierechten: mkb’ers gaan niet zo snel over tot dagvaarding, ze vinden het kostenrisico te hoog en dat is begrijpelijk. Veel grote cliënten, zoals het CJIB, doen zelf al veel aan incasso en executie, en wat overblijft – de moeilijke gevallen – gaat naar de deurwaarders. Ook is er een tendens dat steeds meer zaken minnelijk worden opgelost Dagvaardingen en ontruimingen worden voorkomen. Opgeteld: maatschappelijk zeer verantwoord, echter ons verdienmodel staat fors onder druk.” Daarnaast zijn er volgens Groenewegen gewoon te veel deurwaarders, hoewel het aantal al is teruggelopen van 853 (januari 2017) naar 760 (januari 2019). “Nodig is een warme sanering door de overheid”, vindt Groenewegen, “zodat misschien wel een vierde kan afvloeien. Dan kun je denken aan deurwaarders die toch al over enkele jaren willen stoppen, gezien hun leeftijd. De overheid zou hen financieel kunnen stimuleren eerder uit te treden. Wat overblijft kan dan gezond zijn bedrijf voeren. Nu werken we in een verdringingsmarkt waar op prijs wordt geconcurreerd. Concurrentie is prima, maar graag op kwaliteit.” Te veel deurwaarders Herman Jansen Niet bij iedere deurwaarder lopen de omzetten terug. Deurwaarder Herman Jansen (Purmerend) zegt het veel drukker dan voorheen te hebben, met een toename van wel tweehonderd procent van het werk. Hij kent wel de verhalen in de branche dat het niet goed gaat. “Het doorschuiven van exploten naar elkaar is inderdaad afgenomen. Aan de andere kant: het aantal deurwaarders is ook minder.” Ook Jansen vindt dat er misschien toch nog te veel zijn. Als omzetten inzakken, kan dat ook een heel andere oorzaak hebben, zegt Jansen, en toegevoegd deurwaarder Jeanette van der Waal (Vismans Deurwaarders & Incasso, Rotterdam) bevestigt dat. Als een grote klant zijn contract niet verlengt, daalt de omzet plotseling. Van der Waal: “Na een verloren aanbesteding neemt het werk fors af. Die deurwaarder heeft het zwaar. Het líjkt dan alsof het aantal deurwaarders te groot is. Maar het werk is gewoon scheef verdeeld.” Volgens Jansen zou een deurwaarder nooit meer dan 15 procent afhankelijk moeten zijn van één opdrachtgever. “Maar er zijn er bij die daar begrijpelijkerwijs overheen gaan.” Specialiseren Jansen onderscheidt twee soorten deurwaarders: degenen die op pad gaan en degenen die werkgever en ondernemer zijn. Zelf is hij steeds meer gaan ondernemen, en dat heeft z’n vruchten afgeworpen. Wie het moeilijk heeft, kan zich gaan specialiseren, adviseert Jansen. “Richt je alleen op het mkb. Of doe alleen huurzaken, of alleen minnelijke trajecten, doe er bewindvoering bij. Alleen werken voor steeds lagere tarieven in de hoop zo opdrachten binnen te halen en te houden, dat werkt niet.” Wat ook helpt: meegaan met de technologie. Volgens Jansen stuurt alleen zijn kantoor digitale dagvaardingen naar de kantonrechter. “Bij ons scheelt het al snel twee fte.” Digitalisering bij de debiteur vindt hij geen optie. “Veel schuldenaren maken hun brieven niet eens open, dus ook geen mailtjes van deurwaarderskantoren. Dus je zult van deur naar deur moeten. Vanuit maatschappelijk verantwoord ondernemen is dat ook goed. We kunnen de debiteur dan persoonlijk spreken en hem een zetje geven om zijn schulden te kunnen regelen.” Deurwaarder nieuwe stijl Maar wel met een andere mindset, vindt Groenewegen. Het is hard nodig dat deurwaarders zichzelf gaan heruitvinden. “Snel een exploot betekenen wordt steeds meer vervangen door de dialoog aangaan met de debiteur achter de voordeur. Iedere debiteur zou zijn eigen deurwaarder moeten hebben, dit ter voorkoming van kostenstapeling. Ieder schuldeiser moet zich melden bij die ene deurwaarder. De deurwaarder is bij uitstek geschikt om die regierol op zich te nemen. Dat heeft ook gevolgen voor de beloning: die moet afhankelijk zijn van het niet leggen van beslag of het voorkomen van een ontruiming, dit zijn enigzins perverse prikkels. Woningcorporaties gaan in die nieuwe werkwijze steeds meer mee.” De deurwaarder ‘nieuwe stijl’ is terug te vinden in het rapport De toekomstbestendige deurwaarder, dat eerder dit jaar werd gepresenteerd, op mede initiatief van Deurwaardersbelangen.nu. Kernvraag: als de deurwaarder niet zou bestaan en nu zou moeten worden uitgevonden, hoe zou die er dan uitzien? Groenewegen: “We gaan voor de deurwaarder als regisseur of budgetcoach, die inzet op het minnelijke traject, terwijl daarnaast onze primaire ambtelijke taakstelling blijft bestaan. Dat is ook nog eens goed voor ons imago – een aspect dat we lange tijd hebben laten liggen. We moeten veel beter uitleggen wat we doen. Om die reden heeft de vereniging al de Open Deurwaarders Dagen georganiseerd.” Niet al te sociaal Jeanette van der Waal Toegevoegd deurwaarder Van der Waal kan daar deels in meegaan. “Die regierol is mooi en nuttig. Maar dan zoek je het vooral in de sociale sfeer: het beschermen van de schuldenaar. Dan dreigt de schuldeiser naar de achtergrond te verdwijnen en dat is niet correct: hij heeft óók een financieel belang, zijn rekening moet worden betaald. Onder schuldenaren zijn niet-kunners en niet-willers en die laatste groep is best groot. Die sociale pet is mooi maar je moet ook doorpakken. Dat laatste zou de taak van de deurwaarder moeten blijven. Dus al te sociaal hoeft voor mij niet.”   Het bericht ‘Er zijn te veel gerechtsdeurwaarders’ verscheen eerst op Mr. Online.
mr online
13-08-2019 11:06